Een e-mail sturen naar Aad? Zijn e-mail adres is aad@engelfriet.net
(klik op deze tekst om een voorgeadresseerde mail te openen)
Terug naar  het Engelfrieten overzicht

Naar beneden 

Mohammad Hatta studeerde aan de Handelshogeschool van Rotterdam

Mohammad Hatta was de man die namens IndonesiŽ naast Koningin Juliana zat tijdens de Soevereiniteitsoverdracht op 27 december 1949 in het Paleis op de Dam in Amsterdam.

Vaak wordt gevraagd, waarom zat Soekarno daar niet, het antwoord is heel simpel en principieel: Soekarno was, terecht, de mening toegedaan dat het op 27 december 1949 niet ging om een Soevereiniteitsoverdracht, maar een erkenning van de op 17 Augustus 1945 uitgeroepen onafhankelijkheid.

proclamatietekst

Het geheel kun je vergelijken met het door de Staten-Generaal op 26 juli 1581 ondertekende Plakkaat van Verlating:

verlatingsplakkaat

Plakkaat van Verlating / Verlatinghe

26 Juli 1581


afzwerenphilips

In de Staten-Generaal

26 Juli 1581

LINK


Deze datum, 26 Juli 1581, wordt nog geregeld herdacht en terecht, de datum van de Vrede van MŁnster heeft Aad niet in het hoofd zitten en wordt dus zelden of nooit herdacht.

17 Augustus is dus nog steeds een nationale feestdag in IndonesiŽ, een beetje flauw dat Beatrix bij de 50-jarige herdenking op 17 Augustus 1995 daar dus niet bij mocht zijn, want Nederland schermt officieel nog steeds met 27 december 1949.

Op Aad's eigen site kun je over deze zaak nog veel meer vinden en natuurlijk nog veel meer over Nederlands-IndiŽ :




Naar Aad's  Nederlands-Indië geschiedenis verhalen





Waar het in dit verhaal op onze Rotterdam site overgaat, is het feit dat Mohammad Hatta begin jaren '30 in Rotterdam heeft gestudeerd op de Handelshogeschool en tijdens zijn studie met de leus Indonesia Merdeka kwam (lett: IndonesiŽ vrij / omafhankelijk)

Over Mohammad Hatta kun je ongetwijfeld heel veel vinden op het internet, dus daarom in dit verhaal alleen wat bekende foto's en wat summiere gegevens:

soevereiniteitsoverdracht

soeveriteitsoverdracht27

soevereiniteitsoverdrachtbat

Mohammad Hatta naast Koningin Juliana tijdens de Soevereiniteits "overdracht" op 27 December 1949 in het Paleis op de Dam in Amsterdam

Op de onderste foto 27 December 1949 in Djakarta,
voor de laatste keer wordt 's avonds de Nederlandse Vlag gestreken op het Paleis van de Gouverneur-Generaal op het Koningsplein

Op de volgende foto's resp. de studenten Mohammad Hatta en Soekarno:

hattajongsoekarnojong

Pas na WOI konden ook inlanders, zoals dat toen genoemd werd, doorleren, zoals dat heet. Soekarno deed dit vanaf 1921 op de net gestichte TH van Bandoeng, waar hij weg- en waterbouw ging studeren. Een andere keus, laat staan een niet-technische richting, bestond in 1921 gewoon nog niet. Pas in 1924 werd een Rechtshogeschool in Batavia gesticht, in 1927 een Medische Faculteit.

De bijna even oude Mohammad Hatta koos voor een studie in Nederland, in Rotterdam, waarom Soekarno niet in Nederland ging studeren?
Soekarno heeft hier altijd een politiek antwoord opgegeven, hij wilde niet in het land van de kolonisator studeren, men vermoed echter dat Soekarno's vader daar geen geld voor overhad. Rond 1927 studeerden echter al ca 100 IndonesiŽrs in Nederland, en dit waren echt niet alleen kinderen van rijke ouders, ook toen bestonden er al beurzen.

Van 1923 tot 1932 studeerde Mohammad Hatta (1902 Ė 1980) aan de toenmalige Handelshogeschool te Rotterdam. In 1927 werd hij met enige anderen in Nederland gearresteerd en daar gaat dit verhaal over...., want dankzij de kennis die Mohammad Hatta had opgedaan tijdens zijn Rotterdamse studie werd Mohammad Hatta weer vrijgesproken...

Om iets te begrijpen van de Wetgeving na 1914 (Wetboek van Strafrecht) in het toenmalige Nederlands-IndiŽ een samenvatting van de nu beruchte Haatzaai artikelen die men ook trachtte toe te passen tijdens de arrestatie van Mohammad Hatta in Nederland.

Artikel 153 :

Artikel 154:

Artikel 155 :

Voor alle duidelijkheid, de artikelen konden toegepast worden in zowel Nederland als Nederlands-IndiŽ, maar ze werden natuurlijk in Nederland nooit toegepast, behalve in de zaak tegen Mohammad Hatta.

En ook is het natuurlijk een beetje merkwaardig dat er niets wordt gezegd over de andere toenmalige Nederlandse koloniŽn, Suriname en de Nederlandse Antillen, goed dat we daar ook verhalen over hebben...




Naar Aad's  Suriname geschiedenis verhalen





De geschiedenis van de Nederlandse Antillen





Tijdens zijn Rotterdamse studietijd schreef Mohammad Hatta de later beroemd geworden brochure Indonesia Merdeka. Als nationalist zocht Mohammad Hatta ook kontakt met Indonesische communisten die door Europa zwierven, Mohammad Hatta streefde, net als Soekarno, een groot gebundeld verzet na.

Voldoende aanleiding voor een arrestatie in 1927 van Mohammad Hatta, op bevel van de grootvader van de huidige Minister van Justitie J. Donner, er volgde natuurlijk ook een huiszoeking etc.
En uiteraard ging het proces voornamelijk over de brochure Indonesia Merdeka, want hoe bewijs je dat iemand communist is...

Op 8 maart 1928 moest Mohammad Hatta voor het Gerechtshof in Den Haag verschijnen en daar sprak Mohammad Hatta de onvergetelijke woorden, een beetje Rotterdamse humor misschien...:

Dat komt goed uit, want ik zit net voor het tentamen Staatsrecht

Zijn betoog kwam erop neer dat Mohammad Hatta zich afvroeg of hij studeerde in het land van Hugo de Groot of niet. De vrijheid van meningsuiting is toch in dit land een groot goed of mogen IndonesiŽrs, ook Nederlandse Staatsburgers die in Nederland studeren, daar geen aanspraak op maken?

Op 22 Maart 1928 werd Mohammad Hatta vrijgesproken.

Nog even over de Proklamasi:

proclamatietekst

De tekst werd opgesteld door de, door allerlei biografen zogenoemde, Rotterdamse econoom Hatta en voorgelezen door Soekarno.
Na de eerste atoombom op Japan was er haast om de onafhankelijkheid uit te roepen, midden in de nacht moest er een tekst worden opgesteld, over de volgende uiteindelijke zinnen van Hatta was iedereen het eens, Soekarno schreef ze op, terwijl Hatta citeerde:

Er werd afgesproken om deze Proklamatie de volgende dag 17 augustus 1945 om 10:00h door Soekarno te laten uitspreken voor Soekarno's huis, moe maar voldaan ging iedereen even slapen.

De volgende morgen stond iedereen klaar, alleen kwam Hatta niet opdagen, pas om 9:55u kwam Hatta aanlopen en sprak toen de historische woorden:

Waarom maken jullie je zo zenuwachtig, ik kom toch altijd op tijd.
Ben toch altijd een man van de klok geweest

Was Hatta ongetwijfeld gewend vanuit Nederland, maar een echte Rotterdammer zou echt veel eerder zijn gekomen.

Volgens dochter Megawati heeft haar moeder Fatmawati (de 3e vrouw van Soekarno, er zou er nog een volgen...) 's nachts de vlag genaaid die om 10:00h werd gehesen. Na het hijsen van de vlag werd het Indonesia Raja gezongen, dat voor het eerst in de geschiedenis werd afgesloten met Indonesia Merdeka, de leus van Hatta uit Rotterdam.

De eerste radio toespraak van Soekarno na de Proklamasi was niet geheel historisch korrekt, maar de Nederlanders waren dat ook niet altijd geweest en lieten zich ook nu niet kennen, hoe, dat komt na deze toespraak:

Ook nog even what-if Soekarno toch op 27 December 1949 naast de Koningin had willen zitten, Nederland had dat mogelijk geweigerd, want officieel beschouwde men Soekarno als de Mussert van IndonesiŽ en dus kwam Hatta. Ook historisch niet korrekt, want Hatta was de eerste revolutionair die kontakt opnam met de Japanners en op advies van Hatta zochten de Japanners Soekarno op in zijn verbanningsoord in Benkoelen op Sumatra... Trouwens ook nagenoeg het hele Inlandse Bestuur bood z'n diensten aan aan de Japanners, want zij hadden immers officieel wel de Nederlandse nationaliteit, maar werden, ook officieel, niet als Nederlander beschouwd.

Soekarno heeft er wel jaren van gedroomd, zullen we maar zeggen, om in Nederland als een Staatshoofd te worden ontvangen, Nederland heeft zich hier altijd tegen verzet, waarschijnlijk uit rancune en het Mussert beeld.

Pas ruim na de val van Soekarno hebben Juliana en Bernhard in 1972 een officieel Staatsbezoek aan Indonesiť gebracht, voor het eerst in de geschiedenis werd de ex-kolonie bezocht door een Oranje, Wilhelmina heeft het altijd geweigerd, ze vond het te ver en te heet, what-if...

De enige Oranje die ooit in IndiŽ is geweest, was een broer van Koning Willem III, Hendrik de Zeevaarder.

Citaat uit ons Diponegoro verhaal over de bloedige Java oorlog (1825 - 1830), waarin verteld dat ondanks een vrijgeleide Diponegoro toch door de Nederlanders gevangen werd genomen, een steeds terugkerend thema in Soekarno's toespraken...

LINK






Kom je ooit in Jakarta per vliegtuig, je landt dan op International Airport Soekarno-Hatta.....







En natuurlijk kunnen we het niet laten, we hebben ons zelfs ingehouden om te verwijzen naar Aad's verhalen over Nederlands-IndiŽ:

Pramoedya_Ananta_Toer

Introduktie geschiedenis Nederlands-Indië



GG_sJacob

Governors-General of the Dutch East Indies



coen

Jan Pieterszn Coen en de uitroeiing van de bevolking op de Banda eilanden



raadhuis Batavia 1750

De moord op ruim 5000 Chinezen in 1740



Ambon_1817

Wie was Pattimura ?



Diponegoro

Wie was Diponegoro ?



Radja_van_Lombok

Het "verraad" van het huidige vakantie eiland Lombok en de "Schatten van Lombok"



Balinees monument ter herinnering aan de strijd tegen de Nederlanders

De pacificering van het huidige vakantie eiland Bali



Wilhelmus van Nassaue,
Ziet gij dien heldenstoet?
Zij schoten op de vrouwen
En drenkten 't land met bloed.
De kwasten der banieren
zijn darmen van een kind.
Licht dat ge aan hun rapieren,
nog vrouwenharen vindt.

De Atjehse agressie oorlog.

De grootste aanvalsoorlog ooit door Nederland gevoerd met als resultaat 100.000 doden en 1.000.000 gewonden



Bali in the 19th century

Book covers and references



Batavia harbour 1870 de kleine boom

Photos and images of the Dutch East Indies









ARCENGEL Nederlands-IndiŽ ARCENGEL Nederlands-IndiŽ ARCENGEL Nederlands-IndiŽ ARCENGEL Nederlands-IndiŽ ARCENGEL Nederlands-IndiŽ ARCENGEL Nederlands-IndiŽ ARCENGEL Nederlands-IndiŽ ARCENGEL Nederlands-IndiŽ ARCENGEL Nederlands-IndiŽ ARCENGEL Nederlands-IndiŽ ARCENGEL Nederlands-IndiŽ ARCENGEL Nederlands-IndiŽ ARCENGEL Nederlands-IndiŽ ARCENGEL Nederlands-IndiŽ ARCENGEL Nederlands-IndiŽ ARCENGEL Nederlands-IndiŽ ARCENGEL Nederlands-IndiŽ ARCENGEL Nederlands-IndiŽ ARCENGEL Nederlands-IndiŽ ARCENGEL Nederlands-IndiŽ ARCENGEL Nederlands-IndiŽ ARCENGEL Nederlands-IndiŽ ARCENGEL Nederlands-IndiŽ ARCENGEL Nederlands-IndiŽ ARCENGEL Nederlands-IndiŽ ARCENGEL Nederlands-IndiŽ ARCENGEL Nederlands-IndiŽ ARCENGEL Nederlands-IndiŽ ARCENGEL Nederlands-IndiŽ ARCENGEL Nederlands-IndiŽ ARCENGEL Nederlands-IndiŽ ARCENGEL Nederlands-IndiŽ ARCENGEL Nederlands-IndiŽ ARCENGEL Nederlands-IndiŽ ARCENGEL Nederlands-IndiŽ

            ......een roofstaat aan de Noordzee......
            .....dat spoorwegen bouwt van gestolen geld en tot
            betaling de bestolene bedwelmt met
            opium, Evangelie en jenever...

             Aan U durf ik met vertrouwen te vragen of het
            Uw wil is dat daarginds Uw meer dan dertig
            millioenen onderdanen worden mishandeld en
            uitgezogen in UWEN naam?


            Multatuli [1860] ...aan Nederland...Koning Willem III



Assistent_resident_Eduard_Douwes_Dekker_van_Lebak_Residentie_Bantam



....dat dorp stond in brand, omdat het veroverd was door Nederlandsche soldaten.......


Ja, 't dorp was veroverd door Nederlandsche soldaten, en stond dus in brand.

Op Nederlandsche heldendaad volgt brand.
Nederlandsche overwinning leidt tot verwoesting.
Nederlandsche krygsbedryven baren wanhoop.



Heel vaak krijgen we emailen met de vraag waarom toch die verhalen over Nederlands-IndiŽ, we verwijzen dan alijd naar de bovenstaande, voor de meeste Nederlanders onbekende verhalen met als achtergrond o.m. deze argumentatie:

Vanuit de zestiger jaren heb ik o.m. de volgende herinneringen :

  • toen in 1963 Nieuw Guinea werd overgedragen aan de VN werd tijdens de weekopening op mijn HBS heel dramatisch meegedeeld : Nederland heeft nu geen Oostindische koloniën meer. Het einde van een glorieus tijdperk. Nederland stelt nu niets meer voor.
  • in 1966 heb ik voor het eerst echt grote krantenkoppen gezien : Soekarno afgezet. Een golf van voldoening ging door het land...


  • Op school had ik echter nooit iets vernomen van dat glorieuze verleden.

    Velen hebben misschien nog steeds de indruk dat het allemaal "tempoe doeloe " was geweest. Niets is minder waar : de geschiedenis van Nederlands-Indië is een tijd geweest van veel koloniale oorlogen. Kijk maar even op deze pagina.

    De agressie oorlog tegen Atjeh is de grootste oorlog geweest die Nederland ooit heeft gevoerd. Het totale dodental bedroeg ruim 100.000 !

    De meesten hebben wel eens ooit iets gehoord over de "Slag bij Nieuwpoort" of de "Inname van den Briel", was je katholiek dan wist je misschien ook nog iets van "De martelaren van Gorkum", maar wat weten we over ons glorieuze verleden in Ons Indië ?

    Natuurlijk het waren andere tijden : Piet Heyn veroverde met plezier die Spaanse zilvervloot, waarmee het beleg van 's-Hertogenbosch werd gefinancierd, maar wat gebeurde er in "De Gordel van Smaragd" ?

    Waarom stuurde Suharto (ook geen lievertje) terecht het staatsbezoek van Beatrix, bewust gepland na 17 augustus 1995, in de war ? Waarom erkent Nederland nog steeds 17 augustus 1945 niet ?

    Misschien helpt het als je iets meer weet over de geschiedenis van Nederlands-Indië, dat pas zo heet sinds het eind van de 19e eeuw, dankzij Van Heutzt !

    Rond 1995, na 50 jaar onafhankelijkheid van IndonesiŽ verscheen in de Nederlandse Pers het onderstaande (samengevatte) artikeltje, het viel nauwelijks op....

    In de zeventiende en achttiende eeuw bestuurde de VOC de koloniale onderneming in het geheim, zoals de koninklijke kabinetten deden in de eerste helft van de negentiende eeuw. Kritiek werd niet geduld. Enkele maanden na het verschijnen van Max Havelaar in 1860 zei de bekende politicus W.R. baron van Hovell in de Tweede Kamer: 'Er is de laatste tijd een zekere rilling door het land gegaan, veroorzaakt door een boek.' Sinds Multatuli een deel van het publiek wakker schudde, is het een terugkerend ritueel: bij het verschijnen van een onthullend verhaal - document, rapport, televisiefilm, brief - over de koloniën, gaat er een rilling door Nederland.
    Kort voordat koningin Beatrix in 1995 naar Indonesië ging om haar weinigzeggende Jakartaanse tafelrede te houden, getuigden in televisiefilms Indonesische overlevenden van verscheidene militaire moordpartijen onder Nederlands bevel, niet in 1894 op Lombok, maar in 1947, onder kapitein Westerling op Sulawesi (toen Celebes), en onder iemand anders in de kampong Rawahgedeh op Java. Ook in 1995 verzamelde de pers reacties op het bekend worden van de 'excessen'. Sommige politici eisten een nieuw onderzoek en een openbaar debat over de koloniale tijd.

    Steeds opnieuw gruwt een deel van de natie over wat in de koloniën is gebeurd, terwijl anderen de zoveelste onthulling laconiek afdoen als oude koek. Was Colijns standrechtelijke groepsexecutie op Lombok iets bijzonders? Of volgde hij de gangbare praktijk?
    Elke biografische notitie over Colijn vermeldt zijn relatie met J.B. van Heutsz, de grootste koloniale houwdegen van zijn tijd. De 'overwinnaar van Atjeh' werd in 1898 gouverneur van Atjeh. Colijn was sinds 1895 in Atjeh, waar hij soms met een colonne door vijandelijk gebied trok. Zoals gebruikelijk bij koloniale legers maakte ook het Nederlandsch-Indische leger zelden of nooit krijgsgevangenen: gewonde tegenstanders werden gedood. In 1901 werd Colijn de adjudant van de gouverneur. Toen Van Heutsz in 1904 gouverneur-generaal van Oost-Indië werd, bleef Colijn zijn rechterhand. Zoals bekend bracht Van Heutsz 'de afronding van het gezag' tot stand. In een reeks veroveringsoorlogen en -oorlogjes bleven de strijdkrachten met moderne lange-afstandswapens meestal buiten het bereik van de inheemse krijgers. In sommige streken achtervolgden zij met inheemse huurtroepen de vijand tot in zijn huis, om het traditioneel in brand te steken.
    Onder Van Heutsz zijn tal van dorpen en dynastieën bijna routinematig uitgeroeid. Tijdens het optreden van overste G.C.E. van Daalen en zijn mannen met bajonetten in de Gajo-vallei in 1904 werden in vijf maanden volgens de officiële telling 2902 tegenstanders gedood, waaronder 1159 vrouwen en kinderen. Het was tussen een kwart en een derde van de totale bevolking. Een paar jaar later, bij de aanval op Zuid-Bali in 1906, vielen volgens het Militaire Verslag aan Nederlandse kant vier doden, terwijl het totale aantal gesneuvelde vijanden officieel werd geschat op 'ongeveer zeshonderd personen'. Volgens Balinese bronnen vielen op één dag duizenden doden. Zelfs de lage schattingen van de aantallen slachtoffers tijdens het opperbevel van Van Heutsz, opgeteld uit de officiële verslagen van de veldslagen, komen tot vele duizenden.

    Het schokkende is niet dat Colijn als koloniale officier een bijzondere ploert was, maar juist dat hij één van (bijna) allen was. Het is schokkend dat Nederland het bloed aan de handen van de staatsman pas wil zien nu hij ze zelf in een intiem moment heeft opgestoken.
    In de kakografie van commentaren die elke Indische rilling begeleidt, viel mijn oog in NRC Handelsblad op de benauwdste en de boeiendste observaties. De Leidse hoogleraar Nederlandse geschiedenis, Jan Bank, besprak prominent Langevelds nieuwe Colijn-biografie. Bank heeft zelf, met C. Vos, een boek(je) gemaakt over Colijn waarin de vuurdoop op Lombok hem is ontgaan. Aandoenlijk kronkelt de professor als een worm om van de haak te komen. De mannen met de bajonetten staan voor een te belangrijk onderwerp om onder te sneeuwen met kritiek op een boekbespreking. Maar de benauwde kijk op de geschiedenis door de rijksprofessor is een te gaaf hedendaags voorbeeld van traditionele koloniale geschiedschrijving om onvermeld te blijven. Steeds vermijdt hij zorgvuldig de term 'koloniale oorlog'. Consequent noemt hij de Nederlandse verovering van Lombok in 1894 'de expeditie'.
    Het Nederlandsch-Indische leger landde aanvankelijk op het eiland met 4400 man, van wie bijna de helft in gevangenschap werd meegevoerd als dwangarbeiders. Later arriveerden tenminste zeshonderd man hulptroepen en nog eens honderden dwangarbeiders. Vanaf Madoera werden 2000 koelies aangevoerd, die tegen het gebruikelijke dagtarief op Lombok achter de linies het veroverde gebied 'rasseerden': gebouwen, bomen, struiken - alles ging plat voor een beter schootsveld voor de kanonnen. Maar Bank noemt de massale en langdurige inspanningen van leger en marine met een gezagsgetrouwe en verhullende term: 'de politionele actie'. En de mensen op Lombok die tegen de indringer vochten, zijn niet in een negentiende-eeuws regeringscommuniqué maar vorige week in NRC Handelsblad: 'opstandelingen'.

    Destijds wist iedereen in Nederland dat in Oost-Indië vaak een sigaar werd opgestoken door de opzichter, terwijl zijn ondergeschikten op overheidskosten de plaatselijke mannen, vrouwen en kinderen ombrachten. Talrijke koloniale militairen moesten ook wel eens aan hun vrouw of vrienden iets kwijt over hun mannen met de bajonetten en het 'onaangenaam werk'. Sommigen oud-kolonialen brachten naast hun verhalen en batiks ook schedels en botten mee. En een enkeling getuigde in geschriften van de overzeese wreedheden.
    Het koloniale doden is lange tijd een vast bestanddeel geweest van de Nederlandse (en Europese) cultuur. In 1917 publiceerde het geïllustreerde weekblad Buiten, ter verstrooiing en ontspanning, een stukje bladvulling door een oud-militair die deelnam aan de 'pacificatie' van Flores onder kapitein Christoffel in 1907 en 1908. In een 'Oostersch schetsje' doet hij kalm de ontstellende mededeling: 'Ik was daar groepscommandant en ging zelfstandig op patrouille. We hadden daar marechaussee-brigades, dus Javanen en Ambonnezen door elkaar. Ik had last gekregen verschillende kampongs in een bepaald gebied te bezoeken. Om de kerels aan te moedigen werd voor elk afgeslagen hoofd een rijksdaalder betaald. (...) Een van mijn Ambonnezen, Lewakabessie geheten, was er een kraan in... Hij had een paar Inlanders voor zich gezien, was hen achterna gehold, het pad afspringend, en had hen zien verdwijnen in een nauwe rotsspleet. Deze gaf toegang tot een smal, maar vrij diep hol, waar zich 52 Inlanders verborgen hielden. Ogenblikkelijk had onze "dapperen" het vuur geopend en natuurljk was elk schot raak! Zo nu en dan vloog er een speer op hem af, maar deze waren gemakkelijk te ontwijken. Ik kwam te laat om nog enige vrouwen en kinderen te kunnen redden. Enige dagen later was er groot feest in 't bivak: Lewakabessie had 52 ringgits (rijksdaalders) uitbetaald gekregen en hem was de bintang (eremedaille) in uitzicht gesteld.'


    De koloniale tijd heeft een actueel belang als periode waarin de Europese houdingen tegenover andere culturen zo ingesleten raakten dat overzee hele volksstammen en volkeren konden of moesten ondergaan, terwijl het in Europa goed ging. Zoals de vrouw van Colijn slikte het moederland de wreedheden overzee, af en toe rillend - 'Hoe vreeselijk!!' - maar gewoonlijk aan andere dingen denkend. Als de mensen in de Sudan en overal waar ze vandaag ellendig zitten te sterven, eruitzagen als Europeanen, zouden we hen dan ook laten creperen, vrijwel zonder iets te doen? In de koloniale tijd hielp het racisme het thuisfront de gemoedsrust te bewaren tijdens de 'vreselijke massacres' overzee. Het lijkt of deze tijd nog niet voorbij is.
    Multatuli schreef in Max Havelaar het beroemde zinnetje over 'een dorp dat pas was veroverd door Nederlandsche soldaten, en dus in brand stond'. Onder meer door Multatuli's werk kan iedereen al sinds vijf generaties weten dat de Nederlanders die in Oost-Indië dorpen lieten platbranden en vrouwen en kinderen vermoorden, een traditie gaande hielden. Maar dit onderwerp is nooit bestudeerd. In Nederland bestaat veel aandacht voor het eigen leed. De documentatie en studie van wat het land en de bewoners in de oorlog van 1940-1945 is aangedaan, krijgt van de overheid en de wetenschap ruime steun. Maar over de noodzaak van studie of openbaarmaking van wat de Nederlanders in hun eigen aanvalsoorlogen in de koloniën hebben aangericht, met ramingen van de aantallen slachtoffers van de 'Europese expansie', spreekt niemand.

    Ga je naar een boekhandel, heel veel te vinden over Nederland en de 2e Wereldoorlog en terecht, voor informatie over de geschiedenis van Nederlands-IndiŽ moet je steeds vaker naar gespecialiseerd antiquariaten. En dan zullen we het maar niet hebben over Poncke Princen, want daar krijgen we geregeld HATE mail over toegestuurd, waarom? Omdat we op onze site daar een groot verhaal over hebben gemaakt, waar bij het overlijden van Poncke Princen in 2002 dankbaar gebruik is gemaakt door allerlei journalisten en erna werd het weer stil....







    IN MEMORIAM PONCKE PRINCEN

    20 FEBRUARI 2002, JAKARTA


    Van deserteur tot dissident, maar altijd een belanda

    Poncke Princen, deserteur uit het Nederlandse leger, parlementslid onder Soekarno en dissident onder Soeharto, had een haat-liefde verhouding met zijn vijanden in Nederland. Hij is op 76-jarige leeftijd overleden in Jakarta, waar hij ondanks alles toch altijd een belanda was gebleven.

    Vijanden had hij te over, zowel in zijn tweede vaderland IndonesiŽ als in zijn eerste, Nederland. In IndonesiŽ zat hij zowel onder president Soekarno als onder president Soeharto jaren gevangen voor zijn politieke overtuiging en strijd voor de mensenrechten. In Nederland konden IndiŽ-veteranen zijn bloed wel drinken omdat hij in 1948 was overgelopen naar de vijand en de kant had gekozen van de strijders voor de Indonesische onafhankelijkheid.

    En met al die vijanden had Poncke Princen een eigenaardig soort haat-liefdeverhouding. Soms toonde hij begrip voor de IndiŽ-veteranen. 'Als de Nederlandse regering zelf al geen raad wist met de blunders die er waren gemaakt en verkoos de zaak onder het tapijt te vegen, hoe kun je dan een genuanceerd oordeel verwachten van de jongens die daar hebben moeten vechten en zesduizend kameraden in de strijd hebben verloren?', zei hij dan.

    Maar meestal was hij minder begripvol. 'Ik dacht dat hier tolerantie en verdraagzaamheid zouden zijn', zei hij in 1998 tijdens een van zijn zeldzame, fel omstreden bezoeken aan Nederland. 'Maar juist de IndonesiŽrs zijn verzoenlijker gebleken. Want geen van de oud-IndiŽstrijders is tijdens een bezoek aan IndonesiŽ ooit een strobreed in de weg gelegd. Terwijl daar juist de ergste dingen zijn gedaan door Nederlandse militairen.'

    Eigenlijk was hij wel een beetje trots op de onverholen haat van sommige oudstrijders. Die verwijten hem dat hij niet had hoeven overlopen naar de vijand - hij had ook gewoon dienst kunnen weigeren. Inderdaad is Princen in 1946 eerst gedeserteerd. Tijdens zijn omzwervingen raakte hij in Frankrijk bevriend met een overtuigd existentialist. Deze overtuigde hem ervan dat hij de grote conflicten in zijn leven niet uit de weg moest gaan, dat hij juist wel naar IndiŽ moest gaan om daar zijn eigen weg te vinden.

    Die door Poncke Princen zelf gegeven verklaring voor zijn vertrek naar IndiŽ klinkt doordachter en filosofischer dan eigenlijk in zijn impulsieve aard lag.

    Waarheidsgetrouwer lijkt het relaas over zijn uiteindelijke keuze over te lopen naar het Indonesische kamp, zoals opgetekend in zijn biografie Een kwestie van kiezen. Dat besluit viel toen een meisje met wie hij had staan vrijen direct daarop werd doodgeschoten door een schildwacht die haar ook wel eens had willen betasten.
    Het besluit viel letterlijk, in de gedaante van een luciferdoosje dat Princen opgooide: gele kant boven en hij zou blijven, blauwe kant boven en hij zou overlopen. Niks filosofisch, niks existentialistisch - het lucifersdoosje heeft het gedaan.

    Dit deel van Princens leven is in Nederland altijd het meest omstreden geweest. Dat hij Nederlandse soldaten had laten vermoorden sprak hij tegen, al wilde hij niet ontkennen dat bij schietpartijen ook oude strijdmakkers konden zijn gesneuveld.

    Maar bij het aanbreken van IndonesiŽs onafhankelijkheid had Princen het grootste deel van zijn leven nog voor zich. Dat leven lag van toen af aan noodgedwongen in IndonesiŽ, waar hij onder president Soekarno parlementslid werd ('in het parlement van 1955, het enige echt democratische parlement dat IndonesiŽ ooit heeft gekend', zei hij zelf). En waar hij zich tot zijn laatste snik bleef inzetten voor democratie en mensenrechten.

    In het IndonesiŽ van Soeharto was Poncke Princen een bekende dissident. Met vrienden, met vrouwen, met vijanden, en met een hoop onverschilligheid om zich heen. 'Hoe lang je hier ook woont, voor de IndonesiŽrs blijf je toch altijd een belanda', zei hij weemoedig op het erf voor zijn huisje in de kampong. Eigenlijk had hij toch het liefst in Nederland willen sterven.

    Volkskrant, 22-02-2002





    Uit de vele reakties kozen we deze van Gerrit Hissink :

    Op deze manier wil ik graag mijn medeleven betuigen in verband met het overlijden van Poncke Princen op 20 februari jl. Ik heb grote waardering voor hem en voor zijn akties in het "Nederlandse" Indie. Er zijn momenteel niet veel mensen die nog over een geweten blijken te beschikken, in deze tijd waarin alles draait om eigenbelang.

    Ik vind het dan ook storend dat er door de overheid niets wordt ondernomen om zijn persoon in ere te herstellen. Want wat wij Nederlanders in dat verre Indonesie hebben uitgevreten is niet misselijk.....



    We kregen ook de volgende reaktie van Emile Schwidder, wetenschappelijk medewerker, AziŽ-afd. IISG :

    Voor hen die meer info zoeken over Poncke Princen : zijn archief is gedeponeerd en in te zien op het Internationaal Instituut voor Sociale Geschiedenis (IISG) in Amsterdam (LINK)




    Ook kwam er een zeer goed geformuleerde reaktie binnen van Wilfried Aalbers die we ook graag hier plaatsen:

    Mijn ervaring met de Indonesische mens is dermate dat ik de invoeling van de relatie tussen IndonesiŽrs met Nederlanders durf te verwoorden.
    Ik ben mij bewust dat ik nog veel vergeet te vermelden en ook niet kan verwoorden. Echter dat zou ook veel meer tekst en toelichting behoeven........


    Ik heb zelf in 1978 en 1996 op de stranden van Ambon en andere eilanden gestaan. Je probeert je een voorstelling te maken wat hier in afgelopen eeuwen is gebeurd. Zeker als je geschiedenis van onze Nederlandse VOC en KNIL hierop betrekt.
    Er was voor de laatste dramatische gebeurtenissen van afgelopen jaren Ambon nog e.a te zien. Ook interessant is dat er in de Ambonese families zelfs nu nog verhalen leven van vroeger.
    De naam "de Vlamingh" wordt er nu nog door de ouders gebruikt als men de kinderen angst aan wil jagen.

    Mijn bezwaar tegen de Nederlandse staat nu: Men is er uitstekend in geslaagd, om op alle scholen vanaf de soevereiniteitsoverdracht in 1949 en 1963, de geschiedenis weg te stoppen en zich in een totaal stilzwijgen over Nederlands-Indie te hullen. Dit is niet zomaar gebeurd. Dit moet precies zijn uitgedokterd in Den Haag.
    Immers voor de soevereiniteitsoverdracht werd er zeer veel onderricht van de archipel op de scholen gegeven.
    Opnieuw een gedrag van onvervalste schijnheiligheid en lompheid.
    Alles vergeten, incluis de wandaden die begaan zijn in naam van de overheid.
    DE ZOVEELSTE BLUNDER in onze geschiedenis. Wijze mannen en vrouwen in ons regeringsbestel van 1949 tot en met heden. Echter blijkbaar incapabel om met deze "zware kost" om te gaan. Zowel vanuit het rechter,het midden als uit het linker politieke perspectief gezien.
    Er is naast een oprechte analyse ook Indonesisch en Indisch gevoel nodig. Ook Prof. De Jong kon deze snaar niet raken.

    De laatste jaren komt er langzaam steeds meer naar boven. Het stoort, het jeukt en het intrigeert bij vele geÔnteresseerde mensen. Menigeen onderneemt zelf lange reizen. Mensen ontdekken en stellen zelf vast.
    Je stoot op de onvervalste geschiedenis. Daarginds en hier en je hoort ook levensverhalen.
    Hoe ondermeer in de jaren twintig en dertig de toen vele nationalisten werden behandeld. Een ooggetuigenverslag van mijn toen ook nog jonge schoonvader. Samen met zijn vader, hospik in het Knil, waren ze in Boven Digoel gelegerd.
    Een verschrikkelijk oord waar vluchten onmogelijk was en gelijk stond met zelfmoord of worden vermoord door de Kaya-kaya (Papua's). Dat alles in een zeer zwaar tropisch klimaat.
    Dat deze gevangenen hier geestelijk bijna onder door gingen is zeer begrijpelijk. Men had slechts een mening en ideaal dat IndonesiŽ een vrije staat kon zijn!!! Merdeka.
    Het laat zich heel gemakkelijk raden waarom later Hr. Soekarno zich zo opstelde t.o.v. de Nederlanders. Het waren zijn persoonlijke kwelgeesten geweest.
    Dat was niet te vergeten.
    Is er ooit een MA-AF (pardon) geuit naar hem?

    De Japanners waren destijds voor de nationalisten directe bevrijders. Hoe kun je deze dan gelijk weer van je af werpen? Dat was pas later mogelijk toen duidelijk werd wat de Japanners verder zelf voor misdaden hadden begaan.
    Dat Hr. Soekarno de kant van de Japanners moest kiezen was het directe gevolg van de verwerpelijke behandeling die hij kreeg van de Nederlandse bestuurders in een Nederlands IndiŽ, waar iedereen die een afwijkende mening had werd verdacht en opgepakt. Overigens vele spijtoptanten en gewone Indische Nederlanders durfden eerst ook hier in Nederland geen stem te laten horen. Dit was gevaarlijk!! Men was niet anders gewend. De Nederlanders zelf hadden bij hun terugkomst in Nederland daar natuurlijk geen last van.
    De PKI of het woord communist alleen was een vloek voor de toen heersende en gezagdragende moraalridders. O.a in de regeringsperiode van onze "vriend" Colijn met zijn bloedige reputatie voorop.
    Een vrije politieke meningsuiting was niet mogelijk in Nederlands-IndiŽ. Ook niet in Nieuw Guinea later in de 50er en begin 60er jaren.
    Mijn schoonouders hebben hier de eerste jaren aan moeten wennen! Zij kwamen hier in de beginjaren 60 vanuit Nieuw-Guinea naar Nederland. Buitenshuis niets verkeerd zeggen, bang om verkeerd begrepen of opgepakt te worden. Ja, dus ook toen nog. Het heeft overredingskracht gekost om dit gevoel te laten verdwijnen.

    De hetze door de Nederlandse regering ontketend tegen Hr. Soekarno om zoveel mogelijk tegen hem te mobiliseren is gewoon walgelijk geweest. Hij was een collaborateur met de Japanners enz.
    Deze man met zijn medestanders waren terechte vrijheidsstrijders.
    Indien er meer begrip en gevoel was getoond voor de werkelijke bedoelingen en vrijheidsgevoelens van de jonge republikeinen door een minder repressief bestuur in de koloniale dagen dan was later Hr. Soekarno veel gemakkelijker in omgang gebleven. De gevoelens van de IndonesiŽrs waren dan minder beschadigd.

    Een werkelijk ongelofelijk arrogant superioriteitsgevoel t.o.v. de "inlander" door ons Nederlanders, heeft toen het Indonesische vrijheidsgevoel onderschat en onderdrukt. ( Mag onze generatie of onze jeugd dit niet weten?)
    De Nederlander was de Tuan Besar. De IndonesiŽr slechts een kleine man. Wel een mens, maar een ondersoort, die nooit gelijk gesteld kon worden.
    Voor de militairen enz., die voor het eerst in aanraking kwamen met de inlander, was er een boekje. Speciaal waar je voor op moest passen in omgang enz.!!!
    Ook het politieke beleid, verantwoordelijk voor onverantwoorde beslissingen met verdragende consequenties voor in een toekomst. Een toekomst die nu heden is of zelfs ook al weer geschiedenis.
    Dit moet bekend gemaakt!!!

    Hypothetisch;
    Indien er eerder meer tact en respect was getoond en had men de vrijheidsverlangens getolereerd in de 20er jaren. Als er tevens een verstandige tijdslijn voor zelfbestuur was ontwikkeld:

    Was de verschrikkelijke Bersiap periode dan ook uitgebroken na de capitulatie van de Japan? Sterker nog: De vroegtijdige vlucht van Hr.Sukarno in de armen van de communisten was dan wellicht niet nodig geweest en had voorkomen kunnen worden met alle gevolgen van dien voor de Hr. Sukarno en de gehele Indonesische bevolking.
    Denk aan de vermoorde Generale staf en de communistenmoord die er op volgde in de jaren 60 onder President Suharto. Een moordpartij die nu nog onbespreekbaar is in IndonesiŽ. Slechts in familiaire kring durft men over de gevallen broers,neven enz. te praten. Dit is mijn persoonlijke ervaring. Men maakt schattingen op ongeveer een miljoen doden.
    Wie zaten er achter deze wandaden? Het is ondenkbaar dat dit uit eigen beweging vanuit de Indonesische regering bedacht is.
    Welk hoog doel heiligde deze gruwelijke daad? De oost-west verhouding? De koude oorlog ? Geen tweede Vietnam? Geen tweede Cuba ?

    Daarnaast zijn er in Nederlands-IndiŽ heel veel goede dingen gebeurd door hard werkende en bewustvolle Nederlanders.
    Educatie, gezondheidszorg,infrastructuur en te veel om op te noemen. De huidige Indonesische staat is immers een grote eilanden groep die bij elkaar is gehouden door de Nederlandse overheersing in vroegere jaren en in zijn geheel is overgedragen aan het Indonesische volk.

    Overigens zitten er veel verschillen tussen de Indonesische bevolkingen. Verschillen die soms zeer duidelijk zijn in aard en cultuur! Denk hierbij aan een fijngevoelige Javaan en een luidruchtige Molukker-asli of nog veel sterker: een Papua.
    Dit verschil is zeker zoals een Nederlander verschilt met een Turk of Irakees.
    De taal echter kent wel veel overeenkomsten en versluiert dit verschil ten dele.
    Ook dit wordt vaak ten onrechte vergeten.
    Zelfs ook de Nederlandse militairen, dienstplichtig of in het Knil, die vaak een onmogelijke taak moesten verrichten dienen gerespecteerd te worden. Ze deden dit plichtgetrouw voor een selecte groep elitaire bewindvoerders die op hun troon gezeten waren in Nederland en daar in Nederlands-IndiŽ. Denkend een goede zaak te dienen. Met het oog op het financiŽle aspect.

    Men weet dit in IndonesiŽ zelf ook zeer goed. Een terecht excuus, door onze koningin, tijdens de herdenking van de proclamatie was DE gelegenheid geweest om als staat met respect voor elkaar een betere relatie op te bouwen. Samenwerking is het instrument om een goede politieke toekomst te realiseren. De democratische worsteling in IndonesiŽ is nog altijd zwaar, mede door ons toedoen in het verleden. Onderdrukking was door ons geÔmporteerd!!
    Stugge, betweterige en beledigende bemoeienis is vaak te horen uit Den Haag. Echter de laatste tientallen jaren vaak geuit vanuit de linkerhoek van onze politiek.
    Het zijn nog altijd "verkrampte" ambtenaren en bewindvoerders die zich nu nog steeds niets van de gevoelens aantrekken en dat ook blijkbaar niet kunnen. Denk b.v. aan onze Hr. Pronk. Gevoelens die voor een groot deel "leven" in IndonesiŽ en voor een deel in Nederland.
    Ja, nog steeds onze regeringsambtenaren die de geschiedenis wellicht ten dele kennen wat wij als Nederlanders in IndonesiŽ op politiek en militair terrein hebben uitgehaald en wat dat voor moreel gevoel heeft achtergelaten.
    Daar heeft men trouwens toch altijd moeite mee gehad, de gevoelens van de IndonesiŽr te onderkennen. Zeker als er geld in het geding was. Boven op de ziel staan van de IndonesiŽr is ons altijd met het grootste gemak gelukt. Vele Nederlanders waren en zijn er zelfs met een talent hiervoor uitgerust.
    In de jaren eind 60 kwam er wat naar boven dat er door de militairen oorlogsmisdaden waren begaan. Het zal zeker, dat gebeurd in elke oorlog hoe vreselijk dat ook is. De politiek toen gevoerd door de toenmalige ministers met op de achtergrond koningin Wilhelmina bleef veel te veel buiten schot. Daar zou toen eens meer onderzoek naar gedaan moeten worden. En niet naar een militair in het veld die zich te buiten gaat.
    In IndonesiŽ zit juist daar ook de pijn.

    In dat licht gezien kan een minister van justitie in IndonesiŽ ook zo'n (ondiplomatieke maar eerlijke) uitspraak doen zoals eerder dit jaar n.l. : Hij haat Nederland maar heeft geen moeite met de Nederlander in persoon. Hij verwoord precies datgene wat er nog steeds fout zit.
    Ieder in IndonesiŽ weet wat er gebeurd is in die onvrijwillige staatsvorm van weleer.
    Men wacht in IndonesiŽ er met zijn allen al zo lang op; een welgemeend Ma-AF officieel van de hoogste instantie. En dat is natuurlijk van onze kroon.
    (Maak geen denkfout: Er zal nooit ook maar 1 keer om gevraagd worden dit te doen)
    Dat is absoluut NOT DONE. m.a.w dat doe je uit je zelf als je het werkelijk meent.

    Echter eerder is er geen rasa senang m.b.t. Nederland mogelijk.

    Tot nu toe hebben de Nederlanders een "Kepala Batu"

    Wilfried Aalbers

    Een "Belanda totok" kawin dengan wanita Indonesia. Sudah dua puluh lima tahun.




    We ontvingen de volgende reaktie:

    Selamat Siang,

    Ik las het verhaal "Mohammad Hatta studeerde aan de Handelshogeschool van Rotterdam".

    Het is een goede informatie. Ik verspreid deze informatie naar mijn vrienden in China-Japan, waar ik nu aan het studeren ben.

    Tussen 1989 en 1996, was ik student van de Technische Universiteit Delft. Nadat ik afgestudeerd was, gebruik ik helemaal geen Nederlands meer. Daarom is het een beetje moeilijk om in het Nederlands te schrijven.

    Sincerely,
    Adi J. Mustafa





    Terug naar Aad's homepage, met links naar al zijn verhalen



    Familiewapenklein
    wat zijn we trots op ons familiewapen ...., beetje jaloers zeker ....


    Terug naar de top





    Last update :

    17 Februari 2005