Hoe Balkenende en Eurlings van elkaar kunnen leren

Wie een probleem heeft en niet weet hoe dat op te lossen, raadpleegt een expert. Als uw gootsteen verstopt zit, vraagt u om een loodgieter. En wie ziek is, zoekt zijn heil bij een dokter. Als het gaat om maatschappelijke problemen, heeft ons kabinet echter de hardnekkige gewoonte ofwel de verkeerde expert te vragen, ofwel het advies van de juiste expert volledig in de wind te slaan. Terwijl het zo makkelijk anders kan. Balkende en Eurlings kunnen nog heel wat van elkaar leren, vinden Richard Engelfriet en Herman de Regt.

Experts hebben we in ons land gelukkig genoeg. Wetenschappers die grondige analyses hebben gemaakt van maatschappelijke problemen, politieagenten op straat met kennis over buurten, verpleegkundigen die weten hoe zieken het beste geholpen kunnen worden, en ga zo maar door. De kunst is uiteraard om bij het juiste probleem de juiste experts te kiezen, en hier goed naar te luisteren. En daar zit nou net het probleem van ons kabinet.

Het begon al snel na de parlementsverkiezingen in 2007. Het kersverse kabinet ging 100 dagen ‘het land’ in om te praten met ‘het volk’. Terwijl er genoeg experts zijn te vinden met verstand over allerlei maatschappelijke problemen, en er al talloze rapporten lagen over vruchtbare oplossingen, zagen we ministers rappen met jongeren en slapen in achterstandswijken. Nederland noch die jumpstylende ministers werden hier iets wijzer van: de problemen waar toen over gepraat werd, bestaan 3 jaar later nog steeds.

Maar creëert al dat praten dan geen draagvlak, zoals politici en beleidsmakers graag roepen? Nee, natuurlijk niet. Ook na de 100-dagen is het morrende volk nog steeds aan het morren. En terecht: wie zegt problemen op te gaan lossen, moet dat ook doen. Als treinen niet op tijd rijden vanwege bevroren wissels, gaan we ook niet de leden van ROVER peilen om te weten wat ProRail moet veranderen aan de infrastructuur van het spoor. We horen liever wat iemand met verstand van zaken hier over te zeggen heeft.

Gelukkig schakelt het kabinet soms wel experts in, zoals bijvoorbeeld de commissie Davids. Zoals bekend deed deze commissie, bestaande uit juridische experts, onderzoek naar de besluitvorming rond de Nederlandse politieke steun aan de inval in Irak – de knapste koppen met het meeste verstand van zaken bogen zich over deze ingewikkelde problematiek.

Maar dan moet je je natuurlijk wel committeren aan de uitkomst van zo’n expert-onderzoek. Dan moet je duidelijk van te voren aangeven wat je gaat doen als de uitkomst van het onderzoek zus is, en wat je gaat doen als de uitkomst zo is. Een rechte rug houden betekent hier: de uitkomst serieus nemen. Maar wat doet onze minister-president? Hij spreekt over de uitkomsten van het rapport als ‘dat is ook maar een mening’. Terwijl we hier nu echt te maken hebben met de beste deskundigen bij elkaar. Het rapport is geen mening, maar de neerslag van een wetenschappelijk feit. Er was geen volkenrechterlijke legitimatie voor de inval in Irak. Punt.

Minister Eurlings doet het wat dit betreft dus uitstekend: hij geeft vooraf aan wat hij gaat doen met de uitkomst van de ANWB-ledenpeiling over de kilometerheffing. Zeggen de leden nee tegen de heffing, dan wordt het maar de vraag of we de kilometerheffing in zullen gaan voeren. Na het vragenuurtje, dinsdag in de Tweede Kamer, hecht Eurlings nog steeds zeer aan de ANWB-ledenpeiling. En precies hier kan de minster van Balkenende leren. Eurlings laat de kilometerheffing als filebestrijdingsmiddel beoordelen door de verkeerde groep mensen. Hij vraagt niet de experts zich te buigen over de kwestie, maar de (morrende) ANWB-leden! Maar waaruit blijkt dat ANWB-leden de beste kennis in huis hebben om ons fileprobleem op te lossen? Daar zijn toch betere experts voor te vinden?

Wat Balkenende niet mocht zeggen tegen de commissie Davids, dat moet Eurlings juist zeggen tegen de ANWB: ‘Bedankt voor jullie enquête, maar wat jullie leden denken is maar een mening over het oplossen van het fileprobleem, en geen wetenschappelijk inzicht waarop ik mijn beslissing baseer. Punt’. Zo’n houding zou het vertrouwen in de politiek ten goede komen: weten we eindelijk dat we in Nederland beslissen op grond van de beste kennis.

Drs. Richard Engelfriet is ondernemer en Dr. Herman de Regt is als (wetenschaps)filosoof verbonden aan de Universiteit van Tilburg. Samen schreven ze ‘Verkeerd Verbonden! Hoe Nederland verzuimt problemen op te lossen’.