Een e-mail sturen naar Aad? Zijn e-mail adres is aad@engelfriet.net
(klik op deze tekst om een voorgeadresseerde mail te openen)
Terug naar  het Engelfrieten overzicht

Naar beneden 

Er is morele kracht nodig om zich het genot van het ogenblik te ontzeggen

Elke uitweiding over het nut van het sparen kan hier overbodig geacht worden. Niemand zal het tegenspreken. dat spaarzaamheid ook bij den ambachtsman opwekt tot orde. Orde in het huishouden geeft ordelijkheid in het gedrag, verhoogt den moreelen standaard.

Maar elkeen weet, dat wij van nature zorgeloos zijn; dat er zeker moreele kracht noodig is, om zich het genot van het oogenblik te ontzeggen met het oog op de toekomst. En wanneer dit moeielijk is voor hen, die een meer beschaafde opvoeding genoten hebben, en die, al ontzeggen zij zich eenig genot, toch nog zooveel overhouden wat hun het leven aangenaam maakt. Is het dan vreemd, dat er eenige opwekking tot sparen noodig is bij hen, die weinig opvoeding genoten hebben en bekrompen moeten leven? Maar die opwekking moet van dien aard zijn, dat daardoor het gevoel van op eigen krachten steunen niet verloren gaat.

Uitnemend is ook in dit opzigt het bestuur van onze spaarbank aan zijn roeping getrouw gebleven. Geen geldelijke belooningen op het sparen door premin of te hooge rente, geen voorregten moeten gegeven worden aan hen die trouw hebben ingelegd. Dit zijn allen aalmoezen in bedekten vorm, die het gevoel van eigenwaarde bij den ambachtsman wegnemen, die hem leeren steunen op anderen.
Hij moet in de spaarbank zien een inngting, die zijne gelden bewaart en op rente uitzet, en die aan hem rente uitkeert, omdat zij zelve rente verdient. De spaarbank moet zijn de bankier van den burgerman.

Als men weet, welke kracht er gelegen is in het voortdurend adverteren in de nieuwsbladen; de slechtste zaken vinden hierdoor voortdurend aftrek, en waarom zou iets soortgelijks, dat op zich zelf geoorloofd is, dan ook niet toegepast worden op hetgeen werkelijk nuttig is?

Elk onzer weet bij ondervinding hoe moeijelijk het is, zijn dienstboden over te halen, om bij de spaarbank in te brengen. Bij de meesten geschiedt dit op aansporing van den huisvader of de huismoeder; maar weinige huismoeders kunnen aan hun dienstboden toestaan, om op de bepaalde uren te gaan inbrengen, en dikwijls een uur uit het werk te loopen. Daarom neemt dan meestal de heer des huizes op zich, om door een bediende of op andere wijze het geld te laten inbrengen.

Maar bij vele dienstboden bestaat hiertegen bezwaar, omdat zij het niet bekend willen hebben, hoeveel zij kunnen opsparen van de verdiensten. Het gevolg hiervan is, dat van de dienstboden, die nog meer dan de ambachtsman, in staat zijn tot sparen, slechts zeer enkelen spaarbankboekjes hebben. Dit moet veranderd worden.

De gelegenheid tot inbreng moet z gemakkelijk zijn, dat de dienstboden die gelegenheid telkens op haar weg tegenkomen, het moet z snel gaan, dat de ambachtsman, die van zijn werk komt, de dienstbode wanneer zij even uit gaat, als 't ware in het voorbijgaan, hetgeen zij over hebben kunnen inleggen in de spaarbank.

Wat zouden velen terug gehouden zijn van verkwisting, indien zij in tijds de gelegenheid gevonden hadden om hun geld in de spaarbank in te brengen. Ik weet voorbeelden van zeelieden. die buitentijds aan de spaarbank kwamen, en aan den concirge verzochten het geld maar voor hen in te leggen, omdat zij zelve overtuigd waren, zoo als zij zeiden, "dat het geld nog dien dag door de vingers zou gaan, als zij het bj zich hielden"
Ik kan niet te dezer plaatse al de argumenten weerleggen, die men wel eens gebruikt vr het behoud van den toestand zoo als die nu is. maar men let er over 't algemeen niet genoeg op, dat bijna iedereen liever geheim houdt wat hij opspaart, wat hij overhoudt.

Rotterdam, October 1866.

Ondertekend door:

meesportret

Marten Mees

1828 - 1917

LINK





Klik hier voor de overige verhalen over de Spaarbank te Rotterdam





Familiewapenklein
wat zijn we trots op ons familiewapen ...., beetje jaloers zeker ....


Terug naar de top





Last update :

13 Februari 2004