Een e-mail sturen naar Aad? Zijn e-mail adres is aad@engelfriet.net
(klik op deze tekst om een voorgeadresseerde mail te openen)
Terug naar  het Engelfrieten overzicht

Naar beneden 

De Jonker Fransenoorlog

Een zeer gewaardeerde bijdrage van Gerrie van der Laan

Heb je een vraag of opmerking voor Gerrie van der Laan, stuur dan Aad, de webmaster, een email:
aad@engelfriet.net

Op onze site kun je meer vinden over de in dit verhaal genoemde namen en aspekten, gebruik daarvoor onze zoekmachine:

Klik hier als je wilt zoeken via Aad's Freefind search engine, vul in het venster jouw woord in, bijvoorbeeld Jonker Frans en klik op ENTER




De Jonker Fransenoorlog

De Rotterdamse stadsregering was er in 1489, toen de Hoekse bezetting al weer tot het verleden behoorde, van op de hoogte dat Jonker Frans een aanval op Rotterdam beraamde. Ze had zelfs "tot veel en diversche stonden" gedeputeerden naar Stadhouder en Staten gezonden om aan te dringen op daadwerkelijke steun. De stadsregering kreeg echter steeds nul op het rekest. Mocht er een aanval komen, dan moest zij maar vuursignalen geven of de klokken luiden. Maar hoewel zij die raad had opgevolgd, was er geen hulp komen opdagen.

Nadat Jonker Frans bij Delfshaven aan land was gegaan, trok hij met zijn legermacht naar Rotterdam, dat hij door een trompetter vanwege heer Philips van Kleef deed opeisen. Maar toen verscheen Jan Wijnantsz., vergezeld van de baljuw en andere getrouwen, op de muur en antwoordde namens de stad. Hij deelde mee dat hij niet van zins was Rotterdam goedschiks in handen te spelen van iemand, die niet namens de landheer optrad en dat hij daarvoor lijf en goed veil had. Toen Jonker Frans dat hoorde, heeft hij "terstond met sijne adherenten die selve onse stede beklommen, bestormt ende bevogten", waarbij drie van zijn officieren en een aantal manschappen het leven lieten. Maar ook de Rotterdammers leden zware verliezen en de baljuw werd ernstig gewond, zodat zij tenslotte gedwongen waren te wijken. Daartoe had bijgedragen het verraad van enkele medeburgers, onder wie een zekere Jan lange Gijs. Vast staat wel dat de Rotterdammers over het algemeen weinig op de Hoekse invasie gesteld waren. Toen het echter zo ver was gekomen, moesten zij er wel het beste van maken om erger te voorkomen.

frans (16K)

Zodra Jonker Frans zich in Rotterdam heeft ge´nstalleerd, organiseert hij uitvallen naar de omliggende plaatsen om te trachten zijn invloedssfeer uit te breiden. Een overval op Schoonhoven mislukt, maar Delfshaven wordt door de bendehoofden Gerrit Rooftasch en Daniel Lepeltack platgebrand om de vijand te beletten zich daar te versterken. Op het eind van het jaar brengen de boden het bericht, dat Jan van Montfoort het sterke kasteel van Woerden heeft genomen en van daar uit het platteland onveilig maakt. De komst van Maximiliaan I in de aanvang van het jaar 1489 tempert de vreugde hierover in de Hoekse gelederen aanmerkelijk, maar Jonker Frans en de zijnen laten de moed niet zakken. Zij besluiten in een krijgsraad, de stad, "alsoo sij seer sterck ende wel voorsien" is, in staat van verdediging te brengen en het onlangs verbouwde kasteel van IJsselmonde te veroveren, aangezien dit zeer gunstig gelegen is, om afbreuk te doen aan de scheepvaart op Maas, IJssel en Lek. De 12de januari wordt het inderdaad buitgemaakt, worden de kasteelheer en zijn familie in een vissersbootje naar Dordrecht gestuurd en wordt het bevel toevertrouwd aan Frederik van Sevender.

Gedurende de eerste maanden van het jaar 1489 wordt met wisselend geluk gestreden. Na de verovering van het slot te IJsselmonde laten driehonderd man zich in tien jachten en vier kromstevens de rivier afzakken, gaan bij Maaslandsluis aan wal en plunderen die plaats. Op de terugtocht worden zij aangevallen door Schiedammers, die zij na een hevig gevecht met ernstige verliezen aan weerskanten tot wijken brengen. De weerloze dorpen van Schieland: Hilligersberg, Benthuizen, Zoetermeer en Zegwaard ondergaan een soortgelijk lot als Maassluis.

Minder gelukkig loopt een tocht onder Rooftasch naar Delfshaven af, waar de Schiedammers de Hoeken een hinderlaag hebben gelegd door dwars in de straten valkuilen te graven en die met riet, stro en puin te bedekken. Zestig man met de aanvoerder vallen zo in handen van de vijand. Ook in het Overmaasse laten de Schiedammers de Hoeken een lelijke pijp roken. De daarheen ter proviandering uitgezonden expeditie onder Lepeltack en Joris van Brederode, bastaard van de Utrechtse bisschop Gijsbert van Brederode, wordt, na de dorpen Rhoon en Poortugal en het slot Valckesteyn te hebben geplunderd, door Schiedammers in de rug aangevallen en in de pan gehakt, terwijl Brederode en Lepeltack als gevangenen meegevoerd worden.

Maximiliaan I heeft intussen de Staten in Leiden bijeengeroepen en over heel Holland een heirvaart uitgeschreven, om met vereende krachten Rotterdam aan te vallen. Nu gaat het hard tegen hard. Dordrecht en Gouda sluiten met een vloot de rivier ter hoogte van de St. Elbrechtskapel af, zodat Frederik van Sevender het geraden vindt IJsselmonde, dat gevaar loopt omsingeld te worden, tijdig prijs te geven. Ter hoogte van Charlois wordt de Maas geblokkeerd door schepen van Vlaardingen en Brielle, terwijl Rotterdam aan de landzijde ingesloten wordt door de troepenconcentraties te Overschie, Bleiswijk, Zevenhuizen, Waddinxveen en Gouda.

Op 15 februari zullen Joris van Brederode en Lepeltack van Schiedam naar Delft worden getransporteerd. De Hoeken, die daar achter gekomen zijn, vatten het vermetele plan op, de beide aanvoerders te ontzetten. Ze wijzen zevenhonderd man voor dit werk aan, want ze weten niet, dat de tegenpartij hier lucht van heeft gekregen en de gevangenen reeds de vorige nacht langs een omweg naar Delft heeft gebracht. In een watermolen bij de Schie worden vierhonderd Kabeljauwen in hinderlaag gelegd. Zonder enig kwaad te vermoeden, trekken de Hoeken deze molen voorbij. Hiermee bevinden zij zich tussen twee vuren, want van Delft uit is de Hollandse stadhouder Jan van Egmond met een flinke troepenmacht de bende tegemoet getrokken. Als de Hoeken merken, dat hun plan verraden is, begrijpen ze alleen door snel handelen de situatie te kunnen redden. De voorhoede marcheert dus door, de vijand tegemoet, terwijl de achterhoede rechtsomkeert maakt en de Kabeljauwen, voor zij er op verdacht zijn, in hun schuilplaats aanvalt. De Delftenaren zijn door deze tactiek volkomen verrast en lijden grote verliezen, terwijl de Rotterdammers er zonder veel kleerscheuren afkomen.

Ook de volgende weken blijft de krijgsfortuin de Hoeken toelachen. Overschie, waar de vijand een sterkte heeft opgeworpen, wordt bij verrassing genomen. Zowel Schiedammers als Delftenaren, die uitgetrokken zijn om het dorp te heroveren, worden teruggeslagen met achterlating van een aanzienlijk getal notabele burgers in handen der Rotterdammers. Door het bezit van Overschie ligt de weg naar het noorden voor de Hoeken open en ze maken daar dankbaar gebruik van. De benden van Jonker Frans dringen door tot Voorburg en Rijswijk en op het Huis te Merwe onderhandelen hun aanvoerders met afgevaardigden uit Den Haag over het te betalen losgeld. Zelfs de abdij van Rijnsburg haast zich eventuele plunderingen af te kopen.

"Op dese tijt", zegt de kroniekschrijver, "soo was de leefftocht soo overvloedich niet onder de borgeren tot Rotterdam", want in de eerste plaats dienen de soldaten van het nodige voorzien te worden. Maar om tegemoet te komen aan de klachten van de burgerij maakt Jonker Frans bekend, dat hij de 4de juni van plan is een grote rooftocht te ondernemen. Zijn er onder de burgers mensen die mee willen doen, dan belooft hij deze hun aandeel in de te behalen buit. Op de afgesproken dag vaart een vloot van achtentwintig kromschepen en twaalf roeijachten, bemand met veertienhonderd soldaten en burgers, de haven uit in de richting van Schoonhoven. De tegenpartij, die hier achter is gekomen, zendt hun een sterke vloot achterna. Bij Streefkerk komt het tot een treffen op de Lek, waarbij de Rotterdammers het onderspit delven en uiteen gedreven worden. Een klein gedeelte van hun vloot, tien kromschepen en acht roeijachten, weet een goed heenkomen te zoeken. Slechts vierhonderd man keren zonder iets bereikt te hebben in Rotterdam terug. Maar omdat het met de proviandering spaak begint te lopen en er toch iets gedaan moet worden, worden twee Hoekse kapiteins, Reynalt van Broeckhuysen en Hendrik van Brederode, er op uitgestuurd om in Woerden koren en wijn in te slaan. Aangezien de vijand de grote rivieren beheerst, is de afspraak, dat zij met hun kostbare last de Gouwe zullen opvaren tot Boskoop. Daar zal de overlading plaats hebben in zoveel "cleyne, ledige, leychte schuyten" als de Rotterdammers bij elkaar hebben kunnen krijgen, om te trachten vandaar door de venen de stad te bereiken. Ook deze onderneming loopt op een mislukking uit. Wel zien Broeckhuysen en Brederode kans met geweld de wacht bij de Goudsesluis te forceren en met hun schepen veilig en wel in Boskoop te komen. Maar de lichte vaartuigen, die de lading daar overgenomen hebben, vallen op de terugweg in een hinderlaag en worden alle buitgemaakt. Van de krijgsmacht, die de schepen moest beschermen, keert slechts een vierde gedeelte in Rotterdam terug.

honger (34K)

Smeekbede van hongerige Rotterdammers aan Jonker Frans

Hij ziet in dat zijn zaak verloren is. Als in de vroege morgen de radeloze burgerij voor zijn logement samenstroomt om hem te smeken toch in 's hemelsnaam "met den stalmeester van den Prinse te accorderen" en hem een brief vertoont, die deze haar die ochtend heeft doen bezorgen, laat hij zich vermurwen deze brief in het openbaar te doen voorlezen. Er staat in, dat de burgers met hun vrouwen en kinderen door hun trouweloosheid weliswaar de "uytterste straffe" verdiend hebben, maar dat "nochtans haren genadigen prince als een getrou heer ende vader haar dan wederom is aannemende als sijne getrouwe ondersaten, indien sijluyden tot haren natuyrlijcken heere wederkeeren" en dat hij daarom aan alle autoriteiten zal bevelen, de poorters van Rotterdam, hun vrouwen en kinderen "in geenen manieren leet off hinder te doen aan lijff ofte goet". Capelle aan de IJssel wordt aangewezen als de plaats waar "nu noch goet accoordt te vercrijgen" is.

Men moet het ijzer smeden zolang het heet is. Nog dezelfde dag komt te Capelle een verdrag tot stand, waarbij Jonker Frans en de zijnen vrije aftocht verzekerd wordt en twee dagen later heeft onder klokgelui de afkondiging van het stadhuis plaats. De volgende dag komt de stadhouder met zeshonderd man voetvolk in de stad en stelt voor het krijgsvolk van Jonker Frans en diegenen van de burgers, die het veiliger vinden met hem mee te gaan, achttien kromschepen beschikbaar. Op 26 juni komt ook de stalmeester Jan Dischz. in Rotterdam en laat de toegezegde amnestie plechtig afkondigen en diezelfde dag verlaten de Hoeken volgens de bepalingen van het verdrag ongemoeid de stad.

Ondanks een rampzalige nasleep heeft de overrompeling en bezetting van Rotterdam door Jonker Frans en zijn vrienden steeds sterk tot de volksverbeelding gesproken. Hoe moet de bevolking van het rustige vissersstadje zich vergaapt hebben aan het bonte schouwspel der op avontuur beluste edelen en vrijbuiters, die een levensstijl voerden, waaraan men in Rotterdam helemaal niet gewend was. Een onbekende, die de gebeurtenissen van 1488 en 1489 van nabij moet hebben gevolgd en niets van die vreemde invasie moest hebben, gaf zijn ergernis over het ongewone gebeuren en de grote staat, die Brederode voerde, in de volgende versregels lucht.

In 1490 werden de Hoeken bij Brouwershaven in een zeegevecht verslagen. Jonker Frans raakte dodelijk gewond. De verovering van Sluis in 1492 was het definitieve einde van deze beweging.




Een zeer gewaardeerde bijdrage van Gerrie van der Laan

Heb je een vraag of opmerking voor Gerrie van der Laan, stuur dan Aad, de webmaster, een email: aad@engelfriet.net

Op onze site kun je nog meer verhalen vinden van haar, gebruik daarvoor onze zoekmachine:

Klik hier als je wilt zoeken via Aad's Freefind search engine, vul in het venster jouw woord in, bijvoorbeeld Gerrie van der Laan en klik op ENTER






Familiewapenklein
wat zijn we trots op ons familiewapen ...., beetje jaloers zeker ....


Terug naar de top





Last update :

17 Juni 2015